Categorie: Poëzie

  • Makeovervecht

    Over Overvecht spreken is turbulentie, want Overvecht is turbulentie.
    We rapen veren op van verdampte eksters en in het ontstoken daglicht
    streven we naar eigenaarschap en lichte conversatie.
    Meeuwen lachen ons uit of toe in de zoektocht naar de perfecte eethoek.
    Vanaf het balkon knipoog ik naar een snuffelende rat en nee,
    het is geen hondenfluitje, het is een echte rat en nee,
    hij stak geen poot op om gedag te zeggen.

    Betovervecht.
    Flipovervecht.
    Undercovervecht.

    Je maakt wat mee tijdens nachten vol gedwongen skincare.
    Sterrenkijken in een lichtvervuilde stad, de kat uit de beslisboom kijken.
    We hustlen ons boeltje bij elkaar voor onze Substack.
    De hemel boven ons, eronder foutgeparkeerde auto’s
    tussen de stopwoorden van ambtenaren. Vapes roken de nacht uit
    en in het energiezuinige lantaarnpaallicht voor de deur
    dauwtrapt een Dixie, op slot als er iemand en niemand op zit.

    Rovervecht, een vacuüm van armoede en geweld,
    want armoede is geweld en geweld armoede.
    Er gaat minder verloren in een orkaan dan in haar kielzog.
    Sleepovervecht.
    Slaap maar, Overvecht.
    Colleen Hoovervecht.

    Ik steek een mes in de vergetelheid,
    want Overvecht is dossieropbouw. Ik begon ermee
    toen het mijn tweede vaderland werd, een maand of zes geleden.
    Het komt me voor dat de wereld hier wat menselijker is
    en daar ga ik werk van maken.

    Klaarovervecht stuurt op kwaliteit.
    Marlen Haushofervecht trekt de kar.
    Cuticleremovervecht beslaat het paard hollend.
    Zo gaat dat in Hoogovervecht.

    Je bent een nauwsluitend model, bedacht aan tekentafels,
    en een van de random dingen die me overkomen. Je doemt op
    uit openbaargemaakte stukken als een ongebruikt sportschoolabonnement.
    Dementerende overheid steekt een mes in het oog van Haasjeovervecht.

    Zie de verre hemel, waaronder sirenes te veel verkeer hebben om weg te jagen.
    De verre hemel, waaronder papa’s voor groenbak of minnares knielen.
    Aubergine tegen de verre hemel, waaronder iedereen verraden wordt
    en de buurtpreventieapp overuren maakt.

    Jeroen Kijk in de Overvegte doet er zijn plasje over.
    De onttovenaar in Uitslovervecht ook.
    Totzovervecht.


    Voorgedragen tijdens de Nacht van de Poëzie 2026.

  • Dynamiek en interactie

    Er is in Gent een helft van een tweeling naar mij vernoemd.
    Kijk, dan sta je ergens voor. Het andere kind heet Marijn,
    zo heet een toekomstige ex van mij ook.
    Het voegt nog meer charme aan ons toe.

    Je kind naar mij vernoemen is geloven in morgen.
    Een tuin aanleggen, marcheren zonder reden,
    subconscious commitment to denim, allemaal
    geloven in morgen. Ik geloof in morgen na het zien van
    Alexander Skarsgårds ochtendroutine. Emotionele binnenwereld
    gelooft in morgen, wanneer we
    de pijnpunten en hoofdpijndossiers opnieuw doornemen.
    Een man in zijn herfst duurt lang, maar gelooft in morgen.
    Niet als een varken eten op een eerste date,
    niet immuun zijn voor propaganda.

    Ik praat met de wind alsof ik tegen de wind in pies.
    Ik eet je brood en spreek je woord oftewel ik kwijl mezelf onder.
    Ik stoptober geen enkele maand van het jaar, ik vlieg uit de bocht
    van voorspelbaarheid. Dat is hoe ik deze zomer in twintig kaders krijg
    met ertussen allemaal herinneringen waarin waarheid begraven ligt.
    De waarheid brandt door alles heen.
    De waarheid doet alles voor het thuisfront.
    De waarheid in het omgespitte bed. Sinds kort
    ben ik
    als ik dat al was
    niet meer de enige Obe
    in Utrecht. Het hoe en wat moet ik nog researchen.
    Tot die tijd: gekke selfies in de sportschool.


    Dit gedicht verscheen in De Gids (6/2025).

  • Eerste gedicht voor toekomstige exen

    Ik mis de manier waarop ik de wereld zag voordat ik er te veel van wist.
    Ik bedoel geen nieuw kinderboek.
    Ik mis je enorm.
    Ik zie je overal lopen, maar je bent ongevoelig voor diefstal,
    je bent onhandelbaar als een kweepeer. Ik kreeg er vier van een minnaar en
    aan de voorraad lijkt geen einde te komen. Het eten van kweepeer vult je mond
    met kweepeer. Een deepfake met jouw gezicht zien
    is jouw gezicht herinneren, omgord met het loon der zonde.
    Wie zou er niet het badwater opdrinken!

    Hoe vind ik je in de massa is kassa?
    Je draagt een pet met opschrift.
    Blasé realist.
    Bad boy’s toy.
    Inshallah.
    Doing the least.
    Balding under this cap.
    Hij moet eruitzien alsof ik hem kan repareren, want ja, ik kan hem repareren
    met betrouwbare, milieuvriendelijke en gemakkelijk te verwerken materialen,
    totdat hij net zo lang meegaat als een gebouw.
    In zijn oksel bouw ik een nest
    waar we uren per dag doorbrengen met scrollen
    en saaie wederopbouw.
    Ik kan hem repareren, want wie ben je als je niet presteert?

    Ik mis je enorm en als de liefde het niet oplost, dan het gedicht.
    Petje af,
    dan kus ik hem. Ik vul zijn mond met mij en mijn mond met hem.
    Het is rouw en rouwvervoer,
    want er is rouw en rouwvervoer. Ook het gewone leven verdient mooie taal
    voor het mysterie van zijn huid en hanteerbaarheid.
    De hunk is handig te dragen en vernietigt onzuivere trends als hot rodent summer
    op een dag die ik vandaag wil noemen.


    Dit gedicht verscheen in De Gids (6/2025)